A | A | A

HOME   |   WORD LID   |   CONTACT
print deze pagina

Nieuwsflash 2/2014

Vrijdag 28 februari 2014

AANKONDIGINGEN
Studiedag '(V)aardig met familie' is groot succes!

Op 20 maart 2014 organiseert de werkgroep Sociaal Werk van de Federatie de studiedag (V)aardig met familie. De studiedag is volzet maar wie zich inschrijft op de wachtlijst maakt kans om gecontacteerd te worden in geval van annuleringen (in volgorde van inschrijving).

top

Tijdelijke wijziging aan de richtlijn Palliatieve Sedatie

Het geneesmiddel Etumine® (clotiapine), vermeld in het medicatieschema (stap 2) van bovenvermelde richtlijn, is voor onbepaalde duur uit de handel genomen. De richtlijn werd om die reden aangevuld met een tijdelijke wijziging waarin alternatieven voor Etumine® worden voorgesteld. Voor de volledige richtlijn, aangevuld met deze tijdelijke wijziging, klik hier.

top

VORMING, TRAINING & OPLEIDING

- Snel inschrijven is de boodschap voor wie wil deelnemen aan Spiritualiteit ... what's in a name? - door Kathleen Van Steenkiste op 20 maart in Vilvoorde.
- Urgenties binnen palliatieve zorg - door prof. dr. Johan Menten, dr. Barbara Vantroyen en dr. Peter Pype: ook de tweede sessie op 22 april is volzet. Nieuwe geïnteresseerden mogen een mailtje sturen naar greet.francois@palliatief.be; zij worden dan als eersten geïnformeerd over nieuwe data.
- Communicatie via aanraking in de stervensfase: als woorden ontoereikend zijn - door Mieke Ballinckx op 22 april in Wemmel.
- Hoe communiceren in conflictsituaties? - door Michel Schynkel op 15 mei in Heverlee, georganiseerd i.s.m. Panal.
- Communicatie en gepast hanteren van afstand en nabijheid in de stervensfase - door Mieke Ballinckx op 15 en 16 mei in Gent.
- Aandacht voor het spirituele in palliatieve zorg, hoezo? - door dr. Marc Desmet. Wegens de grote belangstelling wordt ook deze opleiding een tweede keer georganiseerd: op 8 en 22 mei in Vilvoorde.
- De zomertweedaagse Introductie in intervisietechnieken voor intervisoren staat opnieuw op ons programma - door Walter Rombouts op 27 en 28 augustus in Holsbeek.

top

VOOR U GELEZEN
Drempels voor vroegtijdige zorgplanning bij patiënten met kanker, hartfalen en dementie: ervaringen en visies van huisartsen

Huisartsen spelen een centrale rol in de coördinatie van patiëntenzorg. In België beschouwt men hen dan ook als ideaal geplaatst om vroegtijdige zorgplanning (VZP) op te starten bij hun patiënten. Toch blijken gesprekken m.b.t. VZP weinig voor te komen en worden ze vaker aangegaan met kankerpatiënten dan met patiënten die lijden aan dementie of hartfalen. Om zicht te krijgen op de drempels bij huisartsen en hoe deze mogelijkerwijs verschillen naargelang het ziektetraject (m.n. kanker, dementie of hartfalen) werden in Vlaanderen 5 focusgroepen (n = 9, n = 11, n = 4, n = 5, n = 7) met huisartsen samengesteld. Huisartsen rapporteerden verscheidene drempels om VZP op te starten en brachten die in verband met eigen kenmerken (bv. gebrek aan opleiding in VZP), kenmerken van de patiënt en zijn familie (bv. veranderende voorkeuren van de patiënt m.b.t. levenseindezorg) en de structuur en organisatie van de gezondheidszorg (bv. gebrek aan tijd om VZP te bespreken in de huisartsenpraktijk) (voor de gedetailleerde opsomming verwijzen we naar de originele paper). Sommige van de drempels waren specifiek voor een van de drie ziektetrajecten. Bij kankerpatiënten gaven huisartsen aan dat onvoldoende kennis van behandelopties en het gebrek aan structurele samenwerking tussen huisarts en specialist belangrijke drempels vormden. Drempels die vaker voorkwamen bij patiënten met hartfalen en dementie bleken een te geringe vertrouwdheid met de terminale fase, het ontbreken van sleutelmomenten om VZP op te starten, te weinig kennis bij de patiënt over zijn diagnose en prognose en het feit dat deze patiënten niet vaak zelf dergelijke gesprekken begonnen. Een specifieke drempel om bij dementiepatiënten over VZP te praten, was het feit dat deze patiënten hierover in de toekomst zelf geen beslissing meer zouden kunnen nemen. De auteurs suggereren dat opleiding en de ontwikkeling van richtlijnen belangrijke stappen vormen om de drempels te slopen. Die hebben namelijk voornamelijk te maken met vaardigheden, kennis en attitudes.

Meer lezen?

  • De Vleminck, A., Pardon, K., Beernaert, K., Deschepper, R., Houttekier, D., Van Audenhove, C., Deliens, L. & Vander Stichele, R. (2014). Barriers to advance care planning in cancer, heart failure and dementia patients. A focus group study on general practitioners' views and experiences. PLOS One, 9(1). Indien u geen toegang hebt tot het artikel, kunt u steeds contact opnemen met de Federatie via research@palliatief.be.

top

Spirituele zorg aan het levenseinde: drempels voor verpleegkundigen en artsen

Medische zorgverleners bieden niet vaak spirituele zorg aan het levenseinde, ondanks het feit dat hierover verschillende richtlijnen bestaan. Deze studie wil enerzijds zicht krijgen op de bereidheid van verpleegkundigen en artsen om spirituele zorg te verlenen en anderzijds 11 mogelijke drempels beoordelen. Daartoe werden oncologieverpleegkundigen en artsen in vier universitaire centra in Boston uitgenodigd om een onlinevragenlijst in te vullen. 118 verpleegkundigen en 204 artsen werkten eraan mee. De meeste verpleegkundigen en artsen waren bereid om aan het levenseinde minstens af en toe spirituele zorg te verlenen (respectievelijk 74% en 60%); toch bleek 40% van de verpleegkundigen/artsen minder vaak spirituele zorg te verlenen dan ze zouden wensen. De meest herkenbare drempels waren voor verpleegkundigen "een gebrek aan een private ruimte" en voor artsen "gebrek aan tijd" (voor details over de verschillen tussen artsen en verpleegkundigen verwijzen we naar het artikel). Opmerkelijk is dat geen van beide drempels samenhing met het al dan niet effectief verlenen van spirituele zorg. Drempels die wel samenhingen met het minder vaak verlenen van spirituele zorg waren voor beide disciplines "een ontoereikende opleiding", "niet behorend tot mijn professionele rol" en "machtsongelijkheid met de patiënt". Een minderheid van de verpleegkundigen en artsen wenste geen training in spirituele zorg (respectievelijk 21% en 49%). De deelnemers die minder geneigd waren om een training te volgen, beoordeelden zichzelf als minder spiritueel en waren mannelijk. Deze bevindingen onderstrepen het belang van opleiding voor verpleegkundigen en artsen. Het is de koninklijke weg naar een spirituele zorg die complementair is aan het werk van pastores en geestelijken en die geïntegreerd is in levenseindezorg. Het gebrek aan opleiding werd door verpleegkundigen en artsen immers aangegeven als zijnde de enige drempel die ook bleek samen te hangen met minder frequente spirituele zorgverlening door beide disciplines.

Meer lezen?

  • Balboni, M.J. et al. (2013; Epub ahead of print). Nurse and physician barriers to spiritual care provision at the end of life. Journal of Pain and Symptom Management. Indien u geen toegang hebt tot het artikel, kunt u steeds contact opnemen met de Federatie via research@palliatief.be.
  • Vaardigheden in spirituele zorg beginnen met 'weten wat het is' en het herkennen van spirituele vragen en behoeften. Voor een opleiding kunt u ook bij de Federatie terecht:

top

Mag er nog gelachen worden? Humor in gesprekken tussen palliatieve patiënten en zorgverleners

"Ik lach soms zélfs wanneer ik pijn heb. Sommige mensen denken dan dat ik gek ben ... om ziek én humoristisch te zijn." Dit citaat van een palliatieve patiënt, deelnemer aan de studie van Ridley en collega's, illustreert duidelijk dat lachen en humor tussen zorgverleners en palliatieve patiënten bij sommigen als ongepast overkomt. Toch komt humor in de palliatieve zorgverlening frequent voor. Maar wat is het belang ervan? En hoe gepast is dit in de interactie tussen zorgverlener en palliatieve patiënt? Via een inleidende studie bij 100 palliatieve patiënten opgenomen op een palliatieve eenheid of in een residentiële hospicesetting, onderzocht men deze vragen. Een grote meerderheid van de deelnemers waardeerde humor in hoge mate, zowel voor (77%) als tijdens (76%) hun ziekte. Ondanks deze waardering (glim)lachten de deelnemers minder vaak naarmate hun ziekte vorderde. De meeste van de deelnemers herinnerden zich de voorbije week samen met de verpleegkundige (87%) en de arts (67%) gelachen te hebben. De meerderheid vindt humor in interacties met hun artsen (75%) en verpleegkundigen (88%) gepast. Terwijl alle vrouwen humor als (enigszins) gepast beoordeelden, vond 19% van de mannen dat lachen samen met verpleegkundigen ofwel enigszins ongepast was, of ze beoordeelden het neutraal. Deze resultaten tonen de gepastheid van lachen en humor in interacties tussen professionele hulpverleners en palliatieve patiënten.

Meer lezen?

  • Ridley, J., Dance, D., & Pare, D. (2014; Epub ahead of print). The acceptability of humor between palliatieve care patients and health care providers. Journal of Palliative Medicine. Indien u geen toegang hebt tot het artikel, kunt u steeds contact opnemen met de Federatie via research@palliatief.be.

top

Nieuws uit het Nederlands-Vlaams Tijdschrift voor Palliatieve Zorg

Het Nederlands-Vlaams Tijdschrift voor Palliatieve Zorg (uitgegeven door Boom Lemma Uitgevers) richt zich op medici, verpleegkundigen, beleidsmakers en anderen die professioneel betrokken zijn bij palliatieve zorg in Nederland en Vlaanderen.
De meest recente editie, m.n. 2014 (2), bevat onderstaande bijdragen:

  • Gast en naaste positief over psychosociale en spirituele zorg in de hospicesetting. Verbeek, L. et al.
  • Zijn alle bedden bezet? Vraag en aanbod van hospicebedden in de Netwerkregio Arnhem en de Liemers. Verschuur, E. et al.
  • Is de Hospital Anxiety and Depression Scale (HADS) een bruikbaar meetinstrument voor het bepalen van angst en depressie bij palliatieve zorgvragers in een hospice? Pelleboer, M. et al.
  • Palliatieve sedatie bij oncologiepatiënten in het algemeen ziekenhuis: besluitvorming en borging. Struik, L. et al.
  • Depressie in de palliatieve fase: Normaal verdriet of depressieve stoornis? Warmenhoven, F. (Proefschrift) Zorg en besluitvorming rond het levenseinde. Opvattingen en ervaringen van het algemene publiek, nabestaanden en professionals. Raijmakers, N. (Proefschrift)
  • The practice of palliative sedation in the Netherlands after the launch of the national Guideline. Swart, S. (Proefschrift)
  • Transitions between care settings at the end of life in the Netherlands: results of a nationwide study. Uitdehaag, M. et al.

top

VACATURE

De thuiszorgequipe van Panal is op zoek naar een verpleegkundig consulent (m/v) voor 30 à 32 uur/week. Reageren voor 14 maart 2014.

top